Log in Registreer

Voorbeeld Test #4

1. De zijkant van een autoband draagt het opschrift 205/55 R16 91 V. Waarvoor staat de letter V?
Prestatie index

Slijtage indicator

De maximale lading in kg dat de band kan dragen

practice
2. Wie heeft er beslissingsrecht over het al dan niet uitvaardigen van een rijverbod?
Een bevoegd politieofficier

Een Procureur des Konings

Een rechter

practice
3. Met 4 spijkerbanden is mijn snelheid voorbij dit verkeersbord beperkt tot:
50 km/h

60 km/h

75 km/h

practice
4. Ik mag mij in de kruising begeven om links af te draaien
Ja

Neen

practice
5. Een met ABS uitgeruste wagen heeft qua remafstand op een nat wegdek:
Een kortere remafstand dan op een droge weg

Een gelijke remafstand als op een droge weg

Een grotere remafstand dan op een droge weg

practice
6. Zie afbeelding
Richting naar Charleroi

Gemeente Waterloo

Begin van een autostrade

practice
7. De volgende afkorting staat voor de slijtage indicator van mijn banden:
M I N

I N D

T W I

practice
8. Hoe kan ik meer grip krijgen op besneeuwde wegen?
De bandendruk verlagen

De bandendruk nakijken

De bandendruk verhogen

practice
9. Op deze kruising geldt de juiste volgorde:
Voetganger A - bestuurder B - bestuurder C

Bestuurder B - voetganger A - bestuurder C

Voetganger A - bestuurder C - bestuurder B

practice
10. Zie afbeelding
Begin zone 30

Bebouwde kom binnen 30km

Zone 30 voor transportverkeer

practice
11. Wat dient uw eerste reactie te zijn bij panne of ongeval in een tunnel?
De knipperlichten opzetten

Het voertuig verlaten

De grootlichten aanzetten en knipperen naar andere auto's om hulp te vragen

practice
12. De onverharde weg eindigt in een geasfalteerd stuk. De fietser heeft nu voorrang:
Ja

Neen

practice
13. Te grote bandenspanning leidt tot:
Meer contact met de rijbaan, en dus een betere wegligging

Minder contact met de rijbaan, en dus een slechtere wegligging

Geen enkel effect op de wegligging

practice
14. Wanneer ik 90 km/h rijd op een droge weg is mijn remafstand circa:
50m

80m

110m

practice
15. Aan een kruising zonder signalisatie komt er een bestuurder van rechts en twijfelt kort om na te denken. Ik mag doorrijden:
Ja

Neen

practice
16. Zie afbeelding
Weg loopt dood

Rechtsomkeer toegestaan

Volg de rijrichting op het rond punt

practice
17. Ik wil links afslaan aan deze kruising. De bestuurder links van mij moet mij voorrang geven:
Ja

Neen

practice
18. Door een oranje licht rijden is een minder zware verkeersinbreuk dan rijden door een rood licht:
Nee, ze zijn beiden even erg

Neen, het zijn allebei overtredingen in de derde graad

Ja, door een oranje licht rijden is een tweedegraadsovertreding; door het rood rijden is derdegraads

practice
19. Het verbodsbord voor parkeren en stilstaan geldt:
Enkel op de rijbaan

Enkel naast de rijbaan

Zowel op als naast de rijbaan

practice
20. Ik begin aan een lange afdaling, dus:
Rem ik met de handrem

Rem ik met de voetrem

Rem ik met de motorrem

practice
21. Dit is de juiste plaats om de autostrade te verlaten via de volgende afrit:
Ja

Neen, ik moet naar rechts uitwijken

practice
22. Zie afbeelding
Verboden voor vrachtvervoer zwaarder dan 3,5t met lading

Verboden voor vrachtvervoer

Verboden voor vrachtvervoer met maximaal gewicht hoger dan 3,5t

practice
23. Op minder dan 15m voor of na het verkeersbord:
Mag men niet stoppen

Mag men niet parkeren

Mag men noch stoppen, noch parkeren

practice
24. Aan het volgende kruispunt wil ik rechts afslaan. Dit verkeersbord:
St

Staat dit toe

Verplicht me om rechtdoor te blijven rijden

practice
25. Zie afbeelding
Verboden parkeren van 1e tot 15e van iedere maand

Parkeren toegestaan van 1e tot 15e van de maand

Verboden parkeren en stilstaan van 1e tot 15e van iedere maand

practice
26. Mijn wagen is defect gevallen op de autostrade. Ik zet mijn knipperlichten op en plaats mijn gevarendriehoek:
Ja, gevarendriehoek geplaatst op 30m

Ja, gevarendriehoek op 100m

Niet nodig, aangezien ik op de pechstrook sta

practice
27. Nadat mijn auto onbeschermd de nacht buiten in de koude heeft doorgebracht:
Begin ik meteen te rijden

Duw ik eerst enkele malen hard het gaspedaal in

Wacht ik op het controlelampje om de motor te starten

practice
28. Zie afbeelding
Eerste Hulp Bij Ongevallen

Hier bevindt zich een brandblusser

Bewaakte overweg

practice
29. Bij het doorrijden van een tunnel wordt u geconfronteerd met een brand. Wat moet er gebeuren?
Stoppen en in het voertuig blijven met de deuren dicht

De motor stoppen en het voertuig verlaten

De motor afzetten, het voertuig verlaten, maar de sleutel in het contact laten

practice
30. Mijn voertuig zal meer brandstof verbruiken als:
Ik rijd met alle ramen open

Ik rijd met alle ramen toe

Open of gesloten ramen hebben geen impact op het verbruik

practice